Vlieland 2022

De boot vertrekt en ik zit erop. Dichter- en dichterbij Vlieland gaan we. Voor de derde keer in drie jaar maak ik deze bootreis. Het is vrijdag, het is winter en het is tijd voor een paar dagen weg uit de sleur. Wind en nadenken en helemaal alleen.

Op het laatste moment heb ik m’n fototoestel in m’n tas gepropt. Ik had geen zin in foto’s maken toen ik vertrok. Maar nu ik het toestel in m’n hand heb, ben ik blij dat hij mee is gegaan. Ik kijk en ik klik, weet nog steeds blindelings waar de knoppen zitten. Intuïtief kijk ik met open ogen naar wat er om me heen is om het op een zo mooi mogelijke manier te vangen.

Na een heleboel kilometers kom ik aan in mijn vertrouwde boshuisje. Ik zet de palletkachel aan en maak eten. Ik heb alle tijd aan mezelf.

Ik lees wat ik vorig jaar in ditzelfde huisje aan mezelf schreef. En ik denk na over het jaar dat eraan komt. Wat wil ik doen, hoe wil ik leven, waar wil ik dat mijn hart is? Wat ik opschrijf, is bijna hetzelfde als het jaar hiervoor. Ik wil zijn waar ik ben in plaats van op allemaal andere plekken. Ik wil zien wat er is, aandacht en liefde hebben voor ieder moment, ieder mens en dan ja, ook voor mezelf.

Later lees ik dit in Verhalen van liefde en alles wat schuurt (van Pádraig Ó Tuama):

Waar zijn we als we bidden? Allicht, we zijn daar waar we zijn. Maar we zijn vaak op veel plekken tegelijk. We zeggen tegen onszelf: ‘Ik zou ergens anders moeten zijn’ of: ‘Ik zou iemand anders moeten zijn’ of: ‘Ik ben niet waar ik zeg dat ik ben’. Voor een gebed is het niet gering om te beginnen waar je bent.  Dat kan zomaar moed vergen, of bereidheid om in te leveren of om een pijnlijke waarheid uit te spreken. Wat het ook vergt, het is wijs om daar te beginnen. Het enige mogelijke vertrekpunt is waar ik ben, en of ik het nu leuk vind of niet, ik ben hier. Het maakt trouwens voor mijn hier zijn niet uit of ik erken dat ik hier ben. Maar het zou wel kunnen helpen als ik echt om me heen zou leren kijken.

Beter kan ik het niet zeggen.

Op zaterdag neem ik een duik in de zee en maak ik geen foto’s.

Op zondag ren ik in de kou een takke-end door de duinen, noem ik dat de mooiste trailrun die ik ooit heb gedaan, en maak ik geen foto’s. Ik ben er ook een paar uur helemaal klaar mee om (hier) alleen te zijn.

Op maandag, de laatste dag van mijn eilandreis, komt de zon op met allemaal mist erbij. Het is prachtig. Ik wil er wel naar blijven kijken. Dus ik leg het vast. De kleuren zijn warm en goud en geel en oranje en bruin. De textuur van het gras is uitgetekend in het licht.

Maar echt, kijk nou: het licht is magisch. Dit eiland, de wereld is magisch. Het is er al, ik hoef het alleen maar te vangen.

Nog één fietstocht – en dan weer op de boot. Ik ben blij dat ik weer naar huis mag. Ik hou van weg zijn en ik hou nog meer van structuur en routine, van sleur, van maandagochtend en genieten van het gaan. Maar dat stilstaan was nodig, is altijd nodig. En goed. En volgend jaar ga ik weer. Deo volente.

Ik verkoop deze natuurfoto’s ook voor thuis aan de muur. Dus als je zegt: ik zie een mooie foto en daar wil ik thuis wel langer naar kijken, zoek dan gerust eens rond in één van m’n webwinkels (deze of deze). Staat jouw lievelingsfoto er niet bij? Stuur me een berichtje. 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Further Projects